NZG Astma / COPD

Astma is een chronische aandoening van de luchtwegen. Van tijd tot tijd, bij prikkelende stoffen of stoffen waarvoor de patiënt allergisch is, bij een verkoudheid of na een zware inspanning kan een astma-aanval optreden. Deze wordt gekenmerkt door ontsteking en vernauwing van de luchtwegen, waardoor ze prikkelbaarder worden, een vergrote productie van slijm, benauwdheid, hoesten, piepende ademhaling en kortademigheid. De ernst van de klachten kan per patiënt verschillen, variërend van licht tot levensbedreigend. Wanneer we over levensbedreigend praten is het zo dat de patiënt weinig tot geen lucht meer kan krijgen.

Inhoud
Oorzaken
Verschijnselen
Diagnose
Behandeling

Oorzaken en erfelijkheid
Er is niet één oorzaak voor het ontwikkelen van astma. De aanleg voor astma is erfelijk. Wanneer één van de ouders astma of allergie heeft, dan heeft een kind 15,8 procent kans op het krijgen van astma of allergie. Wanneer beide ouders astma of allergie hebben, dan heeft een kind zelfs 28,6 procent kans op het krijgen van astma of allergie.

Bij een deel van de mensen met astma (ongeveer 10 procent) speelt langdurige blootstelling aan kleine stofdeeltjes tijdens het werk een rol. Dit heet beroepsastma.

De meeste mensen met astma zijn allergisch (70 tot 80 procent). Bij hen wordt de astma veroorzaakt door allergische prikkels die zij inademen. De reactie die dan volgt verloopt via antistoffen van het type IgE. In 20-30 procent van de gevallen is er geen onderliggende allergische reactie en spreekt men van "intrinsieke astma". Er is een verband gelegd tussen astma en zwaarlijvigheid.

De hygiënetheorie oppert dat het immuunsysteem bij de hygiënische westerse bevolking niet genoeg wordt blootgesteld aan allergenen. Het zou zich om deze reden richten op lichaamseigen stoffen of onschuldige pollen en dergelijke. Deze theorie zou naast het erfelijke component een mogelijke verklaring kunnen zijn dat er binnen bepaalde families meer astma voorkomt.

Verschijnselen
Astma is een chronische aandoening van de luchtwegen, die samengaat met een vernauwing en een verhoogde prikkelbaarheid van de luchtwegen. Klachten ontstaan als mensen prikkelende stoffen inademen. Deze stoffen lokken bij hen benauwdheid, hoesten of een piepende ademhaling uit.

Voorbeelden van deze stoffen zijn:

  • het inhaleren (inademen) van allergenen, zoals:
  • de uitwerpselen en vervellingshuidjes van huisstofmijt
  • pollen
  • stuifmeel
  • huidschilfers van huisdieren
  • schimmels en sporen daarvan
  • koude lucht
  • overschreden ozondrempel

Andere zaken die klachten kunnen veroorzaken:

  • lichamelijke inspanning
  • infectie van de luchtwegen
  • sommige medicijnen, waaronder aspirine
  • voedselallergie (versterkt de klachten)

Sommige astmapatiënten zijn, vooral bij adequate behandeling, langdurig nagenoeg klachtenvrij. Een astma-aanval kan echter vrij onverwacht optreden.

Diagnose
Om de diagnose te stellen wordt de longfunctie gemeten met een spirometer. Vaak wordt een reversibiliteitstest verricht. Daarbij wordt onderzocht of de vernauwing van de luchtwegen met medicijnen op te heffen is. Bij een reversibiliteitstest wordt de longfunctie bepaald voor en na toediening van een luchtwegverwijder. Als iemand na het inhaleren van een luchtwegverwijder een veel hogere waarde blaast dan ervoor, is er waarschijnlijk sprake van astma.

Men spreekt pas van reversibiliteit als er sprake is van minimaal 12 procent verbetering van de FEV1 én 200 ml verbetering van deze FEV1. Om te bepalen of er sprake is van een allergie, wordt er een huidtest of een RAST-test gedaan.

Bij een huidtest worden de mogelijke allergische stoffen in de huid ingespoten. Indien men allergisch is voor de stof, ontstaat er een zwelling. Met een (RAST-test) wordt het bloed getest op specifieke allergenen. Deze test kan al bij zuigelingen worden gedaan.

Met een provocatietest wordt onderzoek gedaan naar de reactie van de luchtwegen op niet-allergische prikkels van buitenaf. Verschillende histamine-oplossingen worden geïnhaleerd, in oplopende sterkte. Door de longfunctie te meten vóór en na prikkeling met deze stoffen, kan de reactie van de luchtwegen op deze stoffen worden vastgesteld.

Behandeling
De belangrijkste medicijnen bij de behandeling van astma zijn ontstekingsremmers en luchtwegverwijders. Ontstekingsremmers bestrijden de ontsteking in de luchtwegen. Hierdoor beschermen ze de luchtwegen tegen prikkels. Luchtwegverwijders zorgen ervoor dat de luchtwegen wijder worden zodat een aanval hersteld of voorkomen kan worden. Luchtwegverwijders helpen ook bij inspanningsastma tegen kortademigheid.

Andere middelen kunnen de behandeling van astma aanvullen, zoals anti-allergiemiddelen, een jaarlijkse griepprik tegen virusinfecties en antibiotica bij een luchtweginfectie die veroorzaakt is door bacteriën.

Terug

Bron: Wikipedia

NZG Medisch Informatie

NZG Nieuwsoverzicht Medisch