NZG Aangezichtsverlamming

Beide kanten van uw gezicht hebben een nervus facialis ofwel aangezichtszenuw. Deze zenuw zorgt voor de gelaatsexpressie van het aangezicht (mimiek). Ook het sluiten van uw ogen en mond wordt geregeld door deze zenuw. De aangezichtszenuw komt uit de hersenen en loopt door een nauw, benig kanaal (tunnel) in de schedel. Eerst langs het inwendig gehoororgaan, dan langs een middenoorbeentje (de stijgbeugel) om tenslotte tevoorschijn te komen in de oorspeekselklier, die voor het oor ligt. In deze speekselklier splitst de zenuw zich in verschillende takken naar de spieren van het gezicht. Een kleine aftakking van deze zenuw loopt naar de tong en zorgt voor de smaak.

De aangezichtszenuw is vergeleken met andere zenuwen kwetsbaar. Waarschijnlijk komt dit vanwege het nauwe en lange benige kanaal waardoor de zenuw verloopt. Wanneer om welke reden dan ook de zenuw binnen de schedel beschadigd wordt, gaat de zenuw minder goed functioneren. De aangedane zijde van uw aangezicht beweegt niet goed meer mee.

Inhoud
Oorzaken
Verschijnselen
Diagnose
Behandeling

Oorzaken
De ziektegeschiedenis en het KNO-onderzoek kunnen mogelijk uitwijzen om welke oorzaak het gaat. Zonodig kan een gehoortest worden afgenomen, gevolgd door eventueel laboratoriumonderzoek en een scan (CT of MRI).

Oorzaken van een facialisverlamming kunnen onder andere zijn:

  • Oorontsteking.
  • Schedelletsel of letsel na operatie, bijvoorbeeld aan het oor of aan de speekselklier.
  • Het gordelroosvirus (herpes zoster oticus). Hierbij zijn blaasjes, zoals bij waterpokken, zichtbaar in oorschelp en omgeving. De verlamming is vaak pijnlijk en gaat soms gepaard met gehoorverlies en evenwichtsstoornissen.
  • Een tumor die op de zenuw drukt. Hierbij treedt de verlamming dikwijls zeer geleidelijk op.
  • De zogenaamde tekenbeetziekte (ziekte van Lyme). In circa 50 procent van de gevallen spreken we van de verlamming van Bell.

Verschijnselen
Wanneer de aangezichtszenuw (vrijwel altijd aan één zijde) slecht functioneert, valt de functie van de spieren in die gezichtshelft uit. Dit noemt men een facialisverlamming. Het gevolg is een scheef gezicht. De mondhoek hangt lager, de plooi tussen neus en mondhoek verdwijnt en het oog is wijder dan aan de gezonde zijde.

Het is onmogelijk het oog te sluiten en bij pogingen daartoe ziet men het oogwit verschijnen. Dit wordt veroorzaakt door het omhoog draaien van de oogbol. Een gewoon verschijnsel dat normaal niet wordt gezien, omdat het ooglid er overheen schuift. De wang is slap en doordat de mond deels omlaag hangt, is praten en slikken moeilijk. Soms loopt speeksel uit de mond.

Een verlamming kan volledig of onvolledig zijn. Bij een onvolledige verlamming zijn de aangezichtsspieren in beperkte mate beweeglijk. Een onvolledige verlamming kan zich binnen enkele dagen toch nog ontwikkelen tot een volledige verlamming.

Diagnose
Aangezichtsverlamming kan meestal op grond van de symptomen worden gediagnosticeerd. De aandoening kan van een CVA worden onderscheiden omdat plotselinge spierzwakte hierbij meestal alleen optreedt in het onderste gedeelte van het gezicht en niet, zoals bij aangezichtsverlamming, in het gehele gezicht. Een ander kenmerk van een CVA is spierzwakte in een arm en een been.

Aangezichtsverlamming kan worden onderscheiden van andere aandoeningen die in zeldzame gevallen de oorzaak zijn van verlamming van de nervus facialis doordat deze andere aandoeningen zich meestal langzaam ontwikkelen. Tot deze aandoeningen behoren onder meer hersentumoren en andere tumoren die de nervus facialis samendrukken, infecties van het middenoor of van de holten van het mastoïd en schedelbasisfracturen.

Meestal kan de arts deze aandoeningen uitsluiten op grond van de medische voorgeschiedenis en de resultaten van röntgenonderzoek, computertomografie (CT) of magnetische kernspinresonantie (MRI). Er kan bloedonderzoek worden uitgevoerd om te testen op de ziekte van Lyme of op sarcoïdose. Er bestaat geen specifieke test voor aangezichtsverlamming.

Behandeling
Bij de verlamming van Bell zal het spontaan herstel worden afgewacht zolang de functie niet of niet helemaal uitvalt. Gedurende een paar weken moet rust in acht worden genomen om het natuurlijke genezingsproces zoveel mogelijk te bevorderen.

  • Oogproblemen
    Ter voorkoming van oogproblemen wordt geadviseerd tijdens de nachtelijke uren het aangedane oog te behandelen met oogzalf of af te plakken met een horlogeglasverband. Dit voorkomt uitdroging. Zonodig kunnen overdag beschermende oogdruppels worden gebruikt.
  • Medicijnen
    Bij ernstige verlammingen kan worden voorgesteld een kuur te starten met prednison, eventueel in combinatie met een anti-herpesvirusmiddel, liefst binnen één week. Prednison, dat ook door het lichaam in de bijnierschors wordt geproduceerd, heeft het vermogen de gevolgen van een ontsteking, terug te dringen.
  • Aanvullend onderzoek
    Indien na 3 maanden geen herstel optreedt moet de diagnose "verlamming van Bell" herzien worden. Aanvullend onderzoek (onder andere scans) is dan noodzakelijk.
  • Mimetherapie
    Bij onvolledig herstel door beschadiging van de zenuw kunnen de hinderlijke restverschijnselen (asymmetrie in het gezicht, verminderde functie en abnormaal meebewegen) zoveel mogelijk onderdrukt worden door specifieke oefentherapie ("mimetherapie"). Deze behandeling beoogt een betere controle te verkrijgen over de gestoorde gelaatsexpressie.Door oefenen wordt een bewust verband gelegd tussen lichaamstaal, emoties en gelaatsuitdrukking. De oefeningen zijn gericht op ontspanning, beheersing van de ademhaling en het leren bewegen van de mimische spieren van gezonde en aangedane zijde samen.
  • Psychosociale begeleiding
    Psychosociale begeleiding is bij een aantal patiënten noodzakelijk.
  • Plastische chirurgie
    Alleen bij bedreiging van het oog (dit gebeurt zelden) is plastische chirurgie aangewezen.
  • Overige behandelingen
    Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat operatief openboren van het zenuwkanaal, om de druk op de zenuw weg te nemen, geen effect heeft. Elektrotherapie is niet zinvol en kan waarschijnlijk het strakke gevoel in de spieren (contractuur) doen toenemen.

In andere gevallen dan de verlamming van Bell zal behandeling van de oorzaak van de verlamming noodzakelijk zijn: een oorontsteking, een tumor, antivirale medicijnen (gordelroos), een zenuwreconstructie na zenuwletsel of antibiotica (tekenbeetziekte).

Terug

Bron: Ziekenhuis.nl

NZG Medisch Informatie

NZG Nieuwsoverzicht Medisch