Vrouwen hebben na menopauze vaker last van depressies of angsten
Vrouwen blijken na hun menopauze minder grijze stof te hebben in cruciale hersengebieden. Ook hebben zij vaker last van psychische problemen als depressies en angstklachten, aldus onderzoekers van de University of Cambridge. Dit meldt Scientias.
De menopauze komt voor onder vrouwen van 45 tot 55 jaar. Hun hormoonspiegels dalen tijdens de overgang, waardoor ze allerlei klachten krijgen. Bekende problemen zijn slechter slapen, opvliegers en stemmingswisselingen. Na de menopauze slapen ze ook korter en hebben ze vaker last van slapeloosheid. Geheugen en aandacht kunnen hier ook onder lijden en uit groot nieuw onderzoek blijkt dat ook depressies en angsten kunnen optreden. Vrouwen komen na de menopauze vaker bij de huisarts of ggz-professional met mentale problemen.
Hormoontherapie
Deze klachten komen opvallend genoeg vaker voor onder vrouwen die hormonen gebruikten tijdens de overgang om hun oestrogeen- en progesteronniveau op peil te houden. Desondanks zien de onderzoekers geen verband tussen hormoontherapie en mentale problemen, want deze zouden al voor de menopauze zijn ontstaan. Artsen blijken juist hormonen voor te schrijven om verergeren van deze klachten te voorkomen.
Minder grijze stof
Uit MRI-scans onder 11.000 vrouwen blijkt ook dat vrouwen na de menopauze minder grijze stof hebben in cruciale hersengebieden voor geheugen, emoties en aandacht. Dat zijn de hippocampus, entorhinale cortex en de anterieure cingulate cortex. En precies deze hersengebieden zijn gevoelig voor de ontwikkeling van dementie.