Normal_fullsizeoutput_788f

“Ze heeft het zelf gewild, zelf gedaan, ze heeft het zelf gekozen, op eigen kracht te gaan.” * Vrijwel op hetzelfde moment dat het bericht in de media gedeeld werd dat er vanuit het ministerie meer subsidie is toegekend aan 113zelfmoordpreventie zocht ik ter voorbereiding van een bezoek aan een oude dame die ik lang niet gezien had op internet na wat haar kinderen en kleinkinderen tegenwoordig zoal doen. 

Door Mary Mijnlieff

Luttele seconden later stroomden de tranen over mijn wangen want ik las dat bij één van die kleinkinderen het licht nog niet zo lang geleden voorgoed was uitgegaan. Ik had haar als baby’tje van een paar dagen oud nog in mijn handen gehad, het licht in haar ogen gezien en in de jaren daarna aan haar prille leven zien beginnen. In het huis van haar ouders en grootouders. Zo onbezorgd en omringd met liefde.

Als ouder(s) hun kind zo aan de dood verliezen is dat onomkeerbaar. Het licht dat je ooit door gaf is uitgegaan en gaat niet meer aan…

Soms is er bij de zoektocht naar waarom dat lichtknopje niet meer wilde werken door het overleden kind een brief achtergelaten waarin de weergave van het gevecht om verlost te worden uit de afschuwelijk donkerte, één die antwoorden geeft, misschien meer of minder kan troosten of handvatten aanreikt om verder te gaan. Andere ouder(s) blijven met lege handen achter en worstelen met de vraag: waarom? Eén ding is zeker. Iemand die aan suïcide overlijdt is heel ernstig ziek.

Vrijwel voor iedereen die met suïcide wordt geconfronteerd, nabij de overledene of wat verder weg, komt het bericht van overlijden binnen als een mokerslag. Ook op scholen. De verslagenheid verlamt.. wat gaan wij de leerlingen in de klassen van kinderen van deze overleden ouder zeggen? Ga zo snel mogelijk op bezoek bij de andere ouder en spreek af wat je in de klas zult vertellen. Streef er naar de waarheid te vertellen wat iets anders is als elk detail erbij te vermelden. Leg uit dat gevoelens en gedachten uit de hersenen voortkomen en dat die heel ernstig ziek waren.

Hoe gruwelijk deze vorm van overlijden ook is, als kinderen de waarheid niet kennen is de fantasie die ze ontwikkelen soms nog gruwelijker. Voorkom dat er een gesprek ontstaat waarin een oordeel wordt geveld over de doodsoorzaak. Kinderen zijn van nature loyaal naar hun (overleden) ouder(s). Negatief oordelen over de doodsoorzaak van de ouder ruïneert hun kinderen, ook op de lange termijn.

Leerlingen zullen vragen stellen om de antwoorden te krijgen die ze zoeken. Die hoef je niet altijd te geven. Je kunt ze ook vragen wat zij denken of zouden willen. Bewaar de structuur in de klas, dat geeft veiligheid. Houd stille kinderen extra in de gaten. Soms worstelen zij met de gedachte dat hun ouder hetzelfde kan overkomen.

Blijf met de achterblijvende ouder en kind in gesprek. In de maanden na het overlijden en gedurende de rest van de schooltijd. Uit onmacht het gesprek uitstellen ligt bij deze doodsoorzaak op de loer. Het hoeft niet altijd een moeilijk gesprek te zijn. Steun is erg belangrijk, het eerst jaar maar ook nog na drie jaar.

Natuurlijk sprak ik tijdens mijn bezoek aan de grootmoeder met haar over haar overleden kleindochter. “Ze was ziek, heel ernstig ziek”.

Het licht in de ogen van haar kleinkind, ooit via deze grootmoeder doorgegeven, was na een helse worsteling definitief uitgegaan. Mijn herinnering aan het licht in haar ogen als pasgeboren baby blijft bestaan. 

* citaat uit prentenboek “Doodgewoon” door Bette Westera.

 

Mary Mijnlieff  is als orthopedagoog specialist op het gebied van rouw en trauma en in staat om leer- en gedragsproblemen te onderscheiden van problemen die ontstaan na een traumatische gebeurtenis. Haar motto is: “Kinderen leren zich te verbinden, met zichzelf en met hun omgeving”.
 
© Nationale Onderwijsgids / Mary Mijnlieff