Groepsbehandeling en ‘voorzorg mentale gezondheid’ op pakketagenda passende zorg
Zorginstituut Nederland wil samen met zorgorganisaties zorgen voor kortere wachttijden voor mensen met complexe psychische problemen. Zo moeten voor hen meer groepsbehandelingen beschikbaar komen en werken de partijen samen aan ‘voorzorg mentale gezondheid’, zo blijkt uit de 2-jarige pakketagenda passende zorg, die in 2026 van start gaat. Daarop staan nog eens drie andere onderwerpen, namelijk: de inzet van (digitale) hulpmiddelen en zorgtechnologie, proactieve zorgplanning in ziekenhuizen en periodieke herbeoordeling van dure geneesmiddelen. Dit meldt Zorginstituut Nederland.
De pakketagenda passende zorg gaat dus niet alleen om geestelijke gezondheidszorg, maar het bieden van passende zorg in het algemeen. De inzet van (digitale) hulpmiddelen en zorgtechnologie gaat over het oplossen van onduidelijkheden over de vergoeding en inzet hiervan in de wijkverpleging. Proactieve zorgplanning in ziekenhuizen moet ertoe leiden dat zorgverleners en patiënten samen in gesprek gaan over belangrijke zaken in het leven en de zorgmogelijkheden in diverse fasen van hun ziekte. Ook willen Zorginstituut en zorgpartijen periodieke herbeoordeling van dure medicijnen die al in het basispakket zitten.
Groepsbehandeling ggz
Een belangrijk onderwerp voor de geestelijke gezondheidszorg (ggz) is de groepsbehandeling voor mensen met psychische problemen. Deze vorm van therapie kan namelijk net zo nuttig zijn als individuele therapie. Bijkomende voordelen zijn dat behandelaren in dezelfde tijd meer mensen kunnen helpen én dat er meer behandelcapaciteit vrijkomt. In de praktijk zijn er nu nog te veel praktische, organisatorische en financiële knelpunten om groepsbehandelingen te realiseren. Hoe deze in de toekomst kunnen worden weggenomen, willen het zorginstituut en de betrokken partijen onderzoeken.
Diverse vormen van voorzorg
‘Voorzorg mentale gezondheid’ is een vorm van hulp voordat de officiële behandeling van start gaan. Patiënten kunnen daarvoor bijvoorbeeld terecht bij de praktijkondersteuner huisarts ggz, zelfhulpgroepen, online zorg of een ervaringsdeskundige. Er zijn dus diverse vormen van voorzorg, waardoor het niet altijd duidelijk is wat het precies voor iemand kan betekenen. Cliënten weten vaak ook niet dat ze hiervan gebruik kunnen maken voor hun behandeling. Tegelijk bestaat er bij zorgverleners ook nog veel onduidelijkheid over het aanbieden van voorzorg of het verwijzen ernaar. De Landelijke Vereniging POH-GGZ onderzoekt met de betrokkenen de opties voor betere inzet van voorzorg.
Ieder agendapunt heeft een kartrekker, die met anderen een plan van aanpak maakt. Alle plannen dienen in april 2026 gereed te zijn, waarna uitvoering van het plan tot 2028 mogelijk is.