Kinderen met autisme gedijen niet op betegelde schoolpleinen
Kinderen met autisme gedijen niet goed op de huidige getegelde speeltuinen met veel slechte akoestiek. Ook de angst om een bal tegen je aan te krijgen, houdt deze kinderen tegen om tijdens de pauze buiten te spelen. Dit concludeert Carolien Rieffe van de Universiteit Leiden. Zij en haar team pleiten dan ook voor een inclusieve inrichting, waar alle kinderen veilig kunnen spelen. Dit meldt Universiteit Leiden.
Volgens Rieffe en haar onderzoeksteam bestaan schoolpleinen vaak uit kale, betegelde vlakken zonder structuur of beschutting. Dat schrikt kinderen met autisme af. Zij kunnen last hebben van lawaai door slechte akoestiek, onvoorspelbare bewegingen en gebrek aan overzicht. Het gevolg is dat deze kinderen liever binnen blijven.
Afgebakende speelgebieden
Architect Magda Mostafa, verbonden aan de Amerikaanse Universiteit in Caïro, benadrukt het belang van ‘beschikbaarheid’. Elk kind moet zelf kunnen kiezen hoe en waar het speelt. Een goed ontworpen schoolplein bevat beschutte zones, groen, rustige zitplekken en afgebakende speelgebieden. Schoolpleinontwerper Maaike Vos betrekt leerlingen actief bij herinrichting van een plein. Ze mogen meedenken, materialen kiezen en planten uitzoeken. Populair zijn onder andere colakruid en ezelsoren. Inmiddels zijn diverse soorten pleinen getest op toegankelijkheid, waarbij sensoren op pleinen maten waar kinderen graag spelen en waar kinderen met autisme zich ophouden. Zo ontstaat een datagedreven beeld van een autismevriendelijk schoolplein.
In een essay, gepubliceerd tijdens Autismeweek, geven de onderzoekers concrete tips om pleinen eerlijker en inclusiever te maken.