25 mei 2016 om 14:57
3 minuten lezen
Goede start nieuwe zorgtaken
De gemeente Weert heeft de balans opgemaakt na een jaar ervaring met nieuwe zorgtaken. De bevindingen staan in drie jaarrapportages: voor de Wmo, de Jeugdhulp en de Participatiewet. Veel is goed gegaan, maar het werk is nog niet af. Het is te vroeg om vergaande conclusies te trekken.
Weert gaat de komende jaren de ingezette koers – samen met cliëntvertegenwoordigers en zorgorganisaties – verder verfijnen en verbeteren.
Ontwikkelingen blijven volgen
De gemeente heeft nu één jaar ervaring opgedaan in een nieuw en complex speelveld. De cijfers van het jaar 2015 kunnen als een soort nulmeting worden beschouwd. Ze vormen de basis om de komende jaren trends te ontdekken en nadere analyses te maken.
Wethouder Paul Sterk: “de overheveling van zorgtaken van het rijk naar gemeenten is in Weert goed verlopen. We hebben alles in het werk gesteld om de hulp aan onze inwoners te blijven bieden. Dit ondanks bezuinigingen van het rijk en ondanks landelijke missers bij het uitbetalen van PGB’s. Ik realiseer me dat we pas één jaar ervaring hebben opgedaan. We hebben meer tijd nodig om te kunnen zeggen dat we écht goed bezig zijn. Dat betekent alert blijven, goed luisteren naar wat er leeft in de Weerter gemeenschap en de koers durven bijstellen.”
De rapportages op hoofdlijnen
Vraagwijzer en Centrum voor Jeugd en Gezin
Inwoners met hulpvragen kunnen in eerste instantie terecht bij De Vraagwijzer en het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). Beide ‘loketten’ hebben een stormachtige ontwikkeling doorgemaakt in 2015.
De Vraagwijzer is halverwege 2015 verplaatst naar de publiekshal van het stadhuis. Veel Weertenaren weten dit loket te vinden. Het aantal vragen om informatie en/of hulp over Wmo, inkomen en werk, is gestegen naar ruim 8.500. Een stijging met 65% ten opzichte van 2014.
Het CJG werkt voor de zeven Midden-Limburgse gemeenten en heeft sinds vorig jaar in elke gemeente een team van jeugd- en gezinswerkers. Het CJG aan de Vogelsbleek in Weert is er niet alleen voor informatie en advies. Het biedt ook voorlichting, verleent hulp aan jeugdigen en gezinnen en werkt nauw samen met de scholen.
Hulp en ondersteuning
In de eerste maanden van 2015 bleek dat de door het Rijk overgedragen cliëntgegevens voor Wmo en Jeugdhulp onvolledig waren. Dat was lastig, omdat er wel afspraken met zorgaanbieders gemaakt moesten worden. Zo zijn voor Wmo-begeleiding ruim 600 cliënten door het rijk overgedragen aan de gemeente. Het gaat om mensen met lichamelijke, verstandelijke en psychische beperkingen. Daarvan bleek echter 20% wel een indicatie te hebben, maar (nog) geen behoefte aan daadwerkelijke hulp. De uiteindelijke kosten zijn daardoor fors lager dan vooraf ingeschat.
In Weert hebben ongeveer 1800 jeugdigen een vorm van jeugdhulp gehad. Dit varieert van lichte tot intensieve ondersteuning. De hulp is verleend door tientallen verschillende zorgaanbieders.
Voor arbeidsbemiddeling werden in 2015 356 personen begeleid door Werk.kom. Van deze mensen hebben er 138 een betaalde baan gevonden (waarvan 48 parttime).
Budgetten
De gemeente Weert ontving van het rijk in 2015 voor de nieuwe taken ruim € 28 miljoen. Evenals veel andere gemeenten heeft Weert geld overgehouden op de budgetten voor Wmo en Jeugdhulp. In totaal gaat het om ongeveer € 3,7 miljoen. Dit is een voorlopig bedrag, want nog niet alle kosten zijn verrekend.
De oorzaken voor het overschot zijn divers. Zo was de vraag om (Wmo-)hulp beduidend kleiner dan verwacht. Ook was er een verschuiving te zien van dure (tweedelijns-) naar goedkopere (eerstelijns-) zorg.
De gemeente moet er rekening mee te houden dat het rijk deze budgetten de komende jaren geleidelijk verlaagt. Er worden nog kortingen doorgevoerd waardoor van het bedrag van € 28 miljoen uiteindelijk in 2019 nog maar € 24,5 miljoen overblijft.