Hof bekrachtigt faillissement Linge’s Zorglandgoed
Het gerechtshof heeft geoordeeld dat het faillissement van Linge’s Zorglandgoed onvermijdelijk was. Daarmee is het hoger beroep van de oprichters tegen de eerdere uitspraak afgewezen. Volgens het hof voldeed de aanvraag aan de wettelijke voorwaarden en was ingrijpen nodig om de continuïteit van zorg voor bewoners te waarborgen. Dit meldt het Algemeen Dagblad.
De zorginstelling in Rumpt, opgericht in 2019, bood plek aan 35 mensen met dementie. Begin dit jaar is de zorg overgenomen door zorgaanbieder Waardenburgh.
Schuldenlast en lege rekening
Uit de uitspraak blijkt dat de financiële situatie ernstig was. Op het moment van de faillissementsaanvraag stond er ongeveer 1.700 euro op de rekening, terwijl de schuldenlast was opgelopen tot ruim 1,2 miljoen euro. Er waren meer dan twintig schuldeisers, variërend van lokale leveranciers tot de Belastingdienst. In de laatste maand vóór het faillissement konden niet alle lopende verplichtingen meer worden voldaan.
De oprichters, Nicoline van Iperen en Cor van den Berg, stelden dat het faillissement niet noodzakelijk was en dat de interim-bestuurder zijn bevoegdheden onjuist had gebruikt. Zij voerden aan dat in korte tijd aanzienlijke uitgaven waren gedaan, onder meer aan externe ondersteuning en juridische kosten.
Continuïteit van zorg centraal
De interim-bestuurder betoogde dat de organisatie al langere tijd verlieslatend was en dat extra kosten mede voortkwamen uit juridische procedures. Het hof volgt die redenering en concludeert dat sprake was van een toestand waarin de instelling niet langer aan haar betalingsverplichtingen kon voldoen.
Volgens het hof had uitstel van de faillissementsaanvraag risico’s kunnen opleveren voor bewoners en de kwaliteit van zorg. Door tijdig faillissement aan te vragen, kon een gecontroleerde overdracht aan Waardenburgh plaatsvinden en bleef de zorg voor de bewoners geborgd.