Voor 11 procent van de medicijnen geldt ‘heel innemen’, ook bij ouderen
Wie moeite heeft met slikken, kan medicatie soms moeilijk veilig innemen. Toch krijgt een grote groep patiënten medicijnen die volgens de richtlijn in zijn geheel doorgeslikt moeten worden. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van de Stichting Farmaceutische Kengetallen (SFK).
In het afgelopen jaar golden bij 11 procent van alle verstrekte medicijnen de instructies ‘heel innemen’. In totaal ging het om ruim 26 miljoen verstrekkingen aan bijna 4,5 miljoen mensen. Verrassend: ook bij ouderen, bij wie slikproblemen veel vaker voorkomen, ligt dat percentage niet hoger.
Volgens de richtlijn heeft ongeveer een kwart van de 70-plussers moeite met slikken. Toch ontving 11 procent van de ouderen een medicijn dat niet mag worden gedeeld, gekauwd of geopend – goed voor ruim 13 miljoen verstrekkingen. Er is dus een kans dat ouderen die met slikproblemen kampen, een middel krijgen dat heel ingenomen moet worden.
Grote rol voor maagbeschermers
Maagbeschermer pantoprazol is het meest verstrekte middel dat altijd in zijn geheel moet worden ingenomen: 8,6 miljoen keer, een derde van alle middelen met deze instructie. Daarna volgen vitamine D (colecalciferol, bijna 2 miljoen verstrekkingen) en pijnstiller diclofenac (1 miljoen verstrekkingen).
Bij sommige middelen bestaat geen andere vorm. Bij pantoprazol en nifedipine worden uitsluitend varianten verstrekt die heel moeten worden doorgeslikt. Maar bij andere middelen, zoals oxycodon, methylfenidaat en colecalciferol, zijn wel vormen beschikbaar die kunnen worden gedeeld of geopend.