Flevolandse gemeenten hervatten samenwerking in de jeugdzorg na oplopende spanningen
De gemeenten Lelystad, Almere, Dronten, Urk en Noordoostpolder hebben hun onderlinge geschil over de organisatie van de jeugdzorg bijgelegd. Na maanden van overleg en bemiddeling ligt er weer een gezamenlijke basis voor samenwerking. Volgens betrokken bestuurders staat het belang van kinderen en gezinnen opnieuw centraal. Dit meldt Omroep Flevoland.
Tijdens een commissievergadering in Lelystad concludeerde wethouder Annemieke Messelink-Dijkstra dat de onenigheid uit het verleden is opgelost. De uitspraak volgde na het rapport van een onafhankelijke commissie, die het meningsverschil tussen de gemeenten had onderzocht en aanbevelingen deed voor herstel van vertrouwen.
Meningsverschillen over regionale afspraken
De samenwerking kwam eind 2024 onder druk te staan toen Lelystad weigerde een nieuwe overeenkomst te ondertekenen voor de gezamenlijke inkoop van jeugdzorg. De stad wilde meer ruimte om een eigen visie te volgen op de manier waarop gezinnen worden ondersteund. Dat leidde tot spanningen en wantrouwen tussen de betrokken gemeenten.
Uit gesprekken die de commissie voerde met bestuurders blijkt dat de verschillen in beleid beperkt zijn. Alle gemeenten hechten volgens het onderzoek sterk aan kwalitatief goede zorg en aan maatwerk voor jeugdigen. De commissie benadrukte dat variatie in uitvoering mogelijk is zolang de gezamenlijke doelen overeind blijven.
Nieuwe afspraken en hersteld vertrouwen
Inmiddels is het overleg tussen de gemeenten hervat. Volgens de Lelystadse wethouder verlopen de gesprekken constructief en in een open sfeer. Een nieuwe intentieverklaring, die de eerdere samenwerkingsovereenkomst vervangt, is in voorbereiding. De verwachting is dat deze nog dit jaar door alle gemeenten wordt ondertekend.
De overeenkomst bevat afspraken over de manier waarop gemeenten vanaf 2027 gezamenlijk zorg moeten inkopen, in lijn met de nieuwe landelijke regelgeving. De voorbereidingen voor dit regionale zorgmodel zijn al gestart.
Gemeenteraad vraagt om betrokkenheid bij uitvoering
Binnen de Lelystadse gemeenteraad overheerst opluchting dat de samenwerking is hersteld. Verschillende fracties benadrukken dat de focus weer moet liggen op de kwaliteit van jeugdzorg en de ondersteuning van gezinnen. Tegelijkertijd willen sommige partijen meer zicht houden op de uitvoering van de aanbevelingen uit het rapport.
Raadslid Marianne van de Watering (Mooi Lelystad) heeft aangekondigd dat zij een motie indient om het college te vragen binnen drie maanden een plan van aanpak voor te leggen. Daarin moet ook worden opgenomen hoe zorgprofessionals en de gemeenteraad worden betrokken bij het vervolgtraject. Over de motie wordt op 18 november gestemd.
Andere raadsfracties staan open voor meer onderlinge afstemming tussen de betrokken gemeenten. Het voorstel om een gezamenlijke klankbordgroep op te richten wordt breed gesteund. Volgens wethouder Messelink is het belangrijkste doel nu om de rust te behouden en verder te bouwen aan een stabiele regionale jeugdzorg.