Normal_432
De Orde van Medisch Specialisten, de NVZ (Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen) en minister Schippers van Volksgezondheid hebben vandaag een onderhandelingsresultaat bereikt om de kwaliteit van de gezondheidszorg, waaronder patiëntveiligheid en doelmatigheid, te verbeteren. Het resultaat gaat over de nieuwe bekostiging voor vrij gevestigde medisch specialisten.

Door de forse overschrijdingen van de afgelopen jaren is de huidige manier van bekostigen niet meer werkbaar. Alle partijen vinden een beheerste kostenontwikkeling en het eerlijker verdelen van de beschikbare middelen over de specialisten van belang.

Het ministerie van Volksgezondheid stelt ieder jaar het totaalbudget voor vrij gevestigde medisch specialisten vast. Voor 2012 is dat ruim 2 miljard euro en dit bedrag mag slechts beperkt groeien met 2,5% per jaar. De partijen zullen zich ook extra inzetten op het terugdringen van onnodige ingrepen, het doelmatig voorschrijven van geneesmiddelen en het voortvarend doorzetten van de veiligheidsprogramma’s. Hierdoor wordt de zorg voor patiënten beter en het werkt ook nog eens kostenbesparend.

De NZa verdeelt het totaalbudget over de ziekenhuizen door middel van een omzetplafond per ziekenhuis. De raad van bestuur van het ziekenhuis draagt het ontvangen bedrag vervolgens weer af aan het collectief van vrij gevestigde medisch specialisten. De specialist moet via het ziekenhuis bij de patiënt of verzekeraar declareren.

Het collectief van medisch specialisten en de raad van bestuur van het ziekenhuis maken afspraken over de verdeling van het budget, waarbij het voorkómen van wachtlijsten en lange wachttijden voorop staat. Hierbij is ook ruimte voor het belonen van kwaliteit, opleidingsactiviteiten of innovatie. De professionele autonomie van de medisch specialist verandert niet en het fiscaal ondernemerschap voor de vrij gevestigde medisch specialisten kan onder voorwaarden blijven bestaan.

De Orde en de NVZ leggen het onderhandelingsresultaat met een positief advies voor aan hun leden die er vóór 1 februari 2011 op zullen reageren.